Menu

Pensioenfondsen en de verbeterde premieregeling

Het nieuwe pensioenstelsel biedt twee pensioencontracten, het nieuwe pensioencontract (NPC) en de verbeterde premieregeling (WVP). Ook als de pensioenuitvoerder verplicht is gesteld kan de verbeterde premieregeling de werknemers qua inhoud vrijheid bieden. De vrijheid om de eigen pensioenregeling naar wens in te richten. Tenzij vakbond(en) en pensioenfondsen anders willen. Dat blijkt zo te zijn. Vakbond(en) en pensioenfondsen spreken nu al hun voorkeur uit voor het nieuwe pensioencontract dat minder maatwerk mogelijk maakt. Gaan pensioenfondsen en de verbeterde premieregeling niet samen? Daar schreef ik al eerder over in het artikel: ‘Bedrijfstakpensioenfondsen en een vrije beleggingskeuze’. Tevens dacht ik mee over noodzakelijke aanpassingen. Dit artikel gaat over wie er bepaalt en wat daarvan de gevolgen zijn.

En waar valt wat te kiezen?

Het nieuwe pensioencontract, meer solidariteit, minder keuzevrijheid

In het kort komt het erop neer dat in het NPC het vermogen collectief wordt belegd en de risico’s gezamenlijk (deelnemers, slapers en pensioengerechtigden) worden gedragen. Tevens komt er een solidariteitsreserve. Om risico’s te delen. De reserve mag maximaal 15% van het totale vermogen bedragen.

Verbeterde premieregeling met beperkte risicodeling en meer maatwerk

De WVP deelt minder risico’s, kent meer beleggingsvrijheid, het pensioenkapitaal mag op pensioendatum naar een pensioenuitvoerder die eventueel een hoger pensioen biedt worden overgeheveld etc. Door van het standaard beleggingsprofiel af te wijken kan de deelnemer zijn investeringen afstemmen op zijn persoonlijke situatie en wensen. Dus ook als hij bijvoorbeeld duurzamer/diervriendelijker wil beleggen.

Evaluatie

De verbeterde premieregeling is al vijf jaar op de markt. Uit de evaluatie van twee jaar geleden blijkt dat er zeker wat te verbeteren valt op het gebied van het informeren en het daadwerkelijk begeleiden van de deelnemers in het ruimere keuzeaanbod. Dat kost inspanning maar is noodzakelijk, we moeten af van de huidige realiteit waarbij werknemers pas rond pensioendatum bestuderen welke mogelijkheden het beste bij hun financiële situatie en wensen passen. Als werknemers eerder worden betrokken kunnen zij eventueel nog tijdig bijsturen en overvallen de latere keuzes hun minder. Ze hebben daar immers al op geanticipeerd.  

Meer informatie over de verschillen tussen de beide premieovereenkomsten is te lezen op de pagina die is vernoemd naar het NPC.

De pensioenvoorkeur van vakbond(en) en pensioenfondsen?

In april en onlangs (augustus) hebben respectievelijk het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) en het kleinere Bedrijfstakpensioenfonds Schoonmaak laten weten dat de voorkeur uitgaat naar het NPC. Beide pensioenfondsen geven wel aan dat het een voorlopige keuze is. Het ABP schrijft op haar website dat de keuze nog kan veranderen als ‘de nadere uitwerking van het NPC en/of de definitieve wetgeving nieuwe inzichten oplevert’. Dat kan wel zo zijn echter pensioenfondsen voeren voornamelijk uit, sociale partners gaan over de inhoud.

Sociale partners bepalen de inhoud.

Voor de keuzevrijheid belooft het weinig goeds dat de grootste vakbond van Nederland, de FNV, de verbeterde premieregeling uitsluit. Zij hebben te kennen gegeven zich uitsluitend voor het nieuwe contract hard te willen maken en dat afwijken alleen mogelijk is in zeer uitzonderlijke gevallen.  

Dat vakbond(en) en pensioenfondsen hun voorkeur zouden uitspreken voor het nieuwe pensioencontract komt niet als verrassing, wel de snelheid waarmee dit gebeurt. De WVP wordt niet meegenomen. Dat is ongewenst en onverstandig. Per bedrijf/sector is het beter de opties langer open te houden en te onderzoeken wat het beste bij de bedrijven en werknemers past. Daarnaast is de aangeboden vrijheid relatief; een eventuele vrije beleggingskeuze is beperkt tot de opbouwfase en betreft alleen de beleggingsfondsen die het pensioenfonds wil aanbieden. De pensioenuitvoerder houdt op deze manier een zekere controle en de deelnemers genieten een vrijheid in gebondenheid. Dat zou een mooie combinatie kunnen zijn.

Waarom deelnemers beperken?

Sluit niet uit maar gun beide varianten de tijd

De argumenten voor en tegen beide pensioensmaken zijn in dit stadium nog niet helder. De onderzoeken die tot nu toe hebben plaatsgevonden geven geen eenduidig beeld en tevens is de toekomst niet eenvoudig in modellen te vatten. Modellen bevatten vele variabelen waarbij slechts één variabele onverwacht en achteraf makkelijk verklaarbaar een groot verschil kan maken. Ook wel een ‘zwarte zwaan’ genoemd. Laten we beide varianten de tijd gunnen zich te bewijzen. Per bedrijf/sector pakt maatwerk vaak beter uit.

De verbeterde premieregeling en de voordelen van de verplichtstelling kunnen samengaan

De verplichtstelling voortvloeiend uit de Wet Bedrijfstakpensioenfonds 2000 kent veel voordelen. Een verplicht werknemerspensioen als aanvulling op de AOW-uitkering. Dat is prima want werknemers willen graag een hoger inkomen dan het sociaal minimum en zonder verplichtstelling is de kans groter dat er te weinig of niets voor later wordt gereserveerd. Daarnaast voorkomt een verplichtstelling concurrentie op de arbeidsvoorwaarde pensioen voor mensen die in dezelfde bedrijfstak werkzaam zijn. Aan de andere kant beperkt de verplichtstelling de werknemers wel in haar keuzes, qua inhoud en pensioenuitvoerder. Dat blijft zo als in het nieuwe pensioenstelsel door de verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen alleen het NPC wordt uitgevoerd. Of er wordt meer vrijheid geboden. Door het aanbieden van de WVP. Deelnemers die zich wel in het pensioen verdiepen kunnen hun toekomst dan meer naar hun hand zetten.

Pensioendispensatie

Als de voorkeur van pensioenfondsen en sommige vakbonden niet meer verandert is er voor de werkgevers en werknemers die een gedispenseerde regeling hebben wellicht een opening. Een gedispenseerde pensioenregeling is een aan het bedrijfstakpensioenfonds actuarieel en financieel gelijkwaardige regeling die de werkgever op basis van één van de wettelijke vrijstellingsmogelijkheden heeft verkregen. Meer daarover in het artikel ‘Gedispenseerde pensioenregeling’. Als de regeling op basis van de verbeterde premieregeling gelijkwaardig blijft kan de werkgever zijn werknemers wel meer vrijheid bieden en hun eigen pensioenregeling zelf in laten regelen.

Echter dispensatie is niet vaak mogelijk. Dus zou meer tijd voor onderzoek en het langer openhouden van beide opties beter passen. De tijd zal het leren.   

Bijgewerkt op 1 oktober 2021.